
Uit het dossier bij het Nationaal Archief wordt duidelijk dat Lodewijk Marggraff niet alleen voor en na de tweede wereldoorlog een twistzieke en wrekkige opportunist was, maar ook tijdens. Hij heeft een serie kleine bedragen gedoneerd aan diverse oorlogsdoelen, deels onder druk van een beruchte NSB-inzamelaar. Na de oorlog probeerde hij het familievermogen aan het zicht te onttrekken van de Nederlandse autoriteiten. Loke heeft zich bovendien weerbarstig gedragen in contact met de beheerders. Maar van actieve collaboratie of openlijke nazi-sympathie is eigenlijk geen bewijs.
Wel werd duidelijk dat Lodewijk de hele familie betrok bij zijn weerbarstig gedrag: zijn vrouw, zijn schoonzussen en alle kinderen. Een aantal van hen is enkele dagen vastgezet in de roerige dagen na de bevrijding, ook Tedje die destijds zestien was.

In november 1944 is Loke Marggraff gearresteerd op verdenking van collaboratie met de vijand. In april 1947 wordt het oordeel geveld: schuldig omdat hij geld gedoneerd heeft aan diverse oorlogsfondsen. Als verzachtende omstandigheid geldt dat de donaties zijn gedaan op aandringen (onder dwang) van een Gerard Verstegen uit Nijmegen. Marggraff is veroordeeld tot vijftien maanden, gelijk aan zijn voorarrest.

Uit een voorgaande hoorzitting bleek dat Marggraff meerdere kleine donaties heeft gedaan, niet alleen aan Verstegen. De suggestie dat Marggraff een actieve supporter van de NSB en de SS was, wordt door dat vonnis echter niet echt bevestigd. De indruk die later overblijft is die van een gewetensloze (en wellicht zelfs een beetje laffe) opportunist. Zie ook de archiefstukken bij BHIC.

Gerard Melchior Verstegen ( Nijmegen 10-01-1920 – Springwood (AUS) november 2009) had als banleider de taak om druk uit te oefenen op vooraanstaande Joodse personen uit het bedrijfsleven om forse bedragen te betalen aan de NSB door te dreigen met sluiting van hun bedrijf en deportatie. 10% van de bedragen mocht hij zelf houden. Hij kon er royaal van leven en zich bovendien twee huizen uit Joods bezit aanschaffen (het pand aan de Kwakkenbergweg 94 en aan de Sophiaweg 45, hoek Lindelaan).
De verklaring van Marggraff wordt gesteund door een getuigenis van een Gustave Tilman uit Vught, telg uit een bekende Bossche bankiersfamilie die verwant was aan Van Lanschot en Van Rijckevorsel. Ook Tilman is door Verstegen afgeperst. De Tilmans blijven gewoon lid van de Zwanebroeders.
Prins Bernard?
Tevens interessant: degene die Loke en familie heeft laten arresteren vreest dat prins Bernard zich ermee zou gaan bemoeien. Blijkbaar bluft Loke Marggraff stevig van zich af.
Terwijl Loke in het gevang zit, is al zijn bezit in beslag genomen zodat door de Centrale Vermogens Opsporingsdienst op grond van het Besluit Vijandelijk Vermogen onderzoek gedaan kan worden naar de herkomst van zijn welstand. Er blijkt een slordige 1,7 miljoen gulden verstopt (merendeels aandelen en obligaties) waarover Marggraff een boete van 50.000 gulden moet betalen, omdat hij verzuimd heeft dit bezit te melden in belastingaangiftes. Uitspraak september 1947.
Loke wordt door de beheerder (notaris Hendrik Worst) als twistziek omschreven. Deze beheerder wil herstelwerkzaamheden laten uitvoeren aan de diverse panden en constateert behalve oorlogsschade ook veel achterstallig onderhoud en verwaarlozing. Reparaties vergen geld, dus Worst vraagt budgetten aan bij het Nederlands Beheersinstituut en zoekt toestemming om verbeteringen hypothecair te financieren. Worst is waarschijnlijk ook degene die de Villa Elzenburg heeft verhuurd aan rechter Louis Rutten in Den Bosch. Marggraff en zoon maken hevig bezwaar en eisen dat zij het beheer weer zelf mogen voeren.
Schadevergoeding
Dit conflict duurt nog lang voort, want nadat Marggraff weer greep op zijn bezit heeft komt hij met schadeclaims en eisen tot vergoeding aan het adres van de beheerders en betrokken instituten. Het lijkt er op dat het beheersinstituur uiteindelijk een schadevergoeding van 12.000 gulden heeft toegekend, ondermeer vanwege waardevermindering van het Witte Huis (Parva Domus). Deze schadevergoeding en begeleidende brief ziet Ewald als excuus namens het rijk voor alles wat de familie aangedaan zou zijn.
Grappig is dat de schade aan het Witte Huis door het heheersinstituur mede geweten wordt aan de kwalijke reputatie van Marggraff (Belastingdienst) en aan bisbilles bij de gemeente Vught.
Saillant: Op 28 augustus 1946 meldt zich een Michiel Onnes van Nyenrode bij het Nederlands Beheersinstituut met de vraag of het in beslag genomen Zionsburg wellicht voor hem in aanmerking komt. Onnes had fortuin gemaakt als koffiehandelaar en was van 1907 tot 1930 eigenaar van kasteel Nijenrode, vandaar de extra achternaam.
Kleurrijk verslag van een Marggraff die zich trappend verzet tegen inbewaringsstelling als zijn verstopte vermogen aan de orde komt. Vier familieleden kregen gevangenisstraf vanwege meineed.

De kortere straffen zijn opgelegd aan mevrouw Marggraff-Schrans en haar zus vanwege meineed, maar ook aan zoonlief Ewald en één der oudere dochters vanwege het verduisteren van 700.000 gulden aan effecten. Deze zus was Corrie (later barones van Lewe Aduard). Er is even een arrestatiebevel van toepassingen op alle zussen. In een brief van Corrie wordt beweerd dat ook de zestienjarige dochter gearresteerd is. Veel aandelen staan op naam van Katharina Schran (mevrouw Marggraff) en zijn gedeponeerd bij de bank Patijn van Notten in Amsterdam. Totaal tegoed: meer dan 1 miljoen gulden.

Houding van Ewald en Loke Marggraff na de oorlog. Verkoop van hout en rogge, het aantreffen van levensmiddelen. Ook grappig: Ewald zaait haver op Wilhelminapark.
Brief van beheerder Ir C.M van der Velden.

De afwikkeling van de landoverdracht bij de kerktoren is beschreven in een document waaruit blijkt dat Loke kort voor de oorlog het land schenkt maar zich na de oorlog bedenkt, waarop de gemeente het land alsnog koopt van het Nederlands Beheersinstituut. Dat heeft Ewald Marggraff jaren dwars gezeten.

NSB banleider Gerard Melchior Verstegen wordt ook genoemd in het verzamelwerk Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog